Lampie: Bosanemonen

0276282_Bosanemoon-2.jpg

Het is vroeg in de ochtend. Je hebt ochtendmensen en avondmensen. Ik ben van de eerste categorie. Alert bij het krieken van de dag, maar in de late uurtjes met de kin op de borst en de ogen toe voor de tv. Het beloofde een zonovergoten dag te worden. Ergens ver achter Hardenberg werd de koperen ploert opgetrokken. De krant lezen was iets voor later. Liever een wandelingetje maken. De wereld lag aan mijn voeten. Althans zo voelde het. In het bos achter het oude sportcomplex kwetterden merels, verder was het doodstil. Muziek vol stilte. Wat dieper in het bos stuitte ik op een kluit bosanemonen. Een ingetogen, bescheiden bloempje, maar desondanks opvallend, want ze zijn met veel. De aristocratische schoonheid overviel me. Een sieraad voor elke tuin, althans, wie er oog voor heeft. Ontbreekt die aanleg, dan blijft het bij een resolute onthoofding met de schoffel – ‘vort mit dat onkruud’. De nederige, maar bevallige bosanemoon zou symbool kunnen staan voor een gebroken hart, een treurende maagd, een verstoten kind, een mishandelde moeder of een eenzame straatmadelief.

Hoog boven de bosanemonen staan de beukenknoppen op knappen. Na verregende en duistere wintermaanden kleurt prille bloesem de krentenstruiken. Nog even en ook de oude eiken botten uit. Het is een van de weinige zekerheden des levens. Elk jaar keert de lente schaamteloos, maar resoluut terug. En zo mijmer ik in verwondering voort. Tot plots een inktzwarte wolk overdrijft. Denkbeeldig. De hemel is in werkelijkheid hemelsblauw. De hemel…, een andere garantie van het bestaan…, je gaat een keertje dood en op reis. Een enkeltje hiernamaals. Mijn gedachten waaierden uit naar het echtpaar dat ik maandenlang als besteller eten bracht. De man was bedlegerig. Er staken plastic slangetjes uit zijn neus. Vaste prik of ik de rolluiken wilde laten dalen. Natuurlijk. Duim omhoog.

Zijn vrouw zat in een rolstoel. Sprak moeizaam. In blokletters. Ik herkende dat van een oudtante, die een hersenbloeding te boven was gekomen, maar nadien slecht uit haar woorden kon komen. Een twee-eenheid. Getrouwd. Trouwen is voor altijd. Toch? Een misverstand, want wat als ‘altijd’ nog maar even is. Als je stokoud, doodziek of domweg op bent en niet meer verlangt naar een ontluikend voorjaar. Misschien vanwege de uitzichtloosheid, of omdat ze vroeger graag baantjes trokken in het zwembad, weet ik veel, ze besloten om gezamenlijk kopje onder te gaan. Een stap uit het leven. Het was klaar. Ik kende het stel, of kende…, ik wist wie het betrof. De dood als verlossing. Een besluit dat je alleen neemt als je weet dat het leven je niets meer te bieden heeft. Ongetwijfeld na ampel beraad. Als je zo lang bij elkaar bent hoeft er niet oneindig gesproken te worden om elkaar te begrijpen. Dan ben je als kaas en wijn, of (bescheidener variant) bier en pinda’s. Eens is het over. Dat moment was gekomen. Misschien wordt hun as verstrooid op hun geliefde stek, waar mooie herinneringen liggen, en bloeit er op termijn een mystiek kaveltje bosanemonen.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Vul alstublieft uw commentaar in!
Vul hier uw naam in

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.