Voormalig FC Groningen-directeur Hans Nijland te gast bij FC Ommen

0268886_HansNijland2.jpg
Hans Nijland voormalig manager bij FC Groningen hamerde tijdens zijn betoog in het clubhuis van FC Ommen op het belang van vrijwilligers. Het zijn uiteindelijk de mensen met grote verdiensten voor de vereniging die het gezicht van een club bepalen. Henk Boeve is zo'n clubicoon.

OMMEN – Vraagje: wie was de langst zittende directeur binnen het betaalde voetbal? Riemer van der Velde bij SC Heerenveen? Jan Smit bij Heracles? Alweer mis. Het goede antwoord is: Hans Nijland bij FC Groningen. Nijland is een begrip, of nee, een icoon in de drie noordelijke provincies, en eentje in het bijzonder natuurlijk, jawel Groningen. Van 1996 tot 2019 was Nijland de man aan het roer bij de (voetbal)Trots van het Noorden.

Onder zijn bewind verrees is 2016 de Euroborg, de gloednieuw thuishaven van FC Groningen, in de volksmond ook wel ‘de Groene Kathedraal’ genoemd. In 2015 werd Nijland benoemd tot ‘Groninger van het Jaar’. Hij kreeg gedurende de 23 jaar dat hij het bewind voerde te maken met wereldtoppers als Luis Suarez, Dusan Tadic en Virgil van Dijk. Over de transferperikelen omtrent de aankoop en verkoop van deze voetbalhelden verscheen een boek, getiteld ‘Boerenbluf op de transfermarkt’. Na zijn vertrek bij FC Groningen pakte Nijland de voorzittershamer op bij HSC, een bescheiden vierdeklasser uit zijn woonplaats Sappemeer.

Onder de indruk

Nijland kan bogen op een schat aan ervaring aangaande het reilen en zeilen in de top van het betaalde voetbal en is bovendien een boeiend verteller. Als geen ander weet hij zijn gehoor aan de lippen te kluisteren. Op de laatste woensdag van november was de voormalige topondernemer te gast bij FC Ommen. Nijland palmde zijn gehoor direct in, door de brandschone accommodatie te prijzen. Hij had een rondje over de velden en door de gebouwen gemaakt en toonde zich onder de indruk. FC Ommen heeft een prachtige accommodatie. Zoiets zie je zelden en we moesten hem maar geloven, hij had honderden clubaccommodaties gezien. Alles lag er spik en span bij. Hij wist wel hoe dit kwam: dit was het werk van bereidwillige, onbaatzuchtige clubmensen. De zaal met leden, vrijwilligers en andere belangstellenden hing aan zijn lippen, nadat hij vervolgens begon met het afsteken van zijn interactief verhaal, met als thema ‘Wat is nodig om een club succesvol te maken’, een relaas dat als speerpunt had ‘de inzet van vrijwilligers binnen een vereniging’.

Tweede huis

Nijland startte zijn praatshow met op de projector een plaatje van een oud tandeloos mannetje met een groen-witte muts en sjaal van de FC. Opa Fluks. De markante Kees Fluks was een in Slochteren wonende vrijgezel. Of eigenlijk was-ie getrouwd met FC Groningen. Tot op hoogbejaarde leeftijd was-ie present bij elke wedstrijd van FC Groningen. Als er rellen waren en die kwamen veelvuldig voor, op en rond het oude stadion aan de Zaagmulderstraat, ging opa Fluks tussen de relschoppers en de ME staan, hief z’n onafscheidelijke wandelstok en riep ‘Blief van mien jong’ oaf!’ Na zijn dood schonk hij zijn kapitaal en boerderij aan FC Groningen. Nijland wilde er maar mee zeggen: clubliefde gaat ver. Voor sommige mensen betekent de club alles. Dat geldt voor grote clubs, maar ook voor kleinere verenigingen. Alles en iedereen is bekend. Alles is vertrouwd. Het is hun tweede thuis. De club, dat zijn de leden en het zijn de vrijwilligers die een club draaiend houden. Door kantinediensten te draaien, de jeugd te begeleiden, trainingen te geven, het groen snoeien of kleedkamers schoonmaken en reparaties verrichten. Dat besef had Nijland meer bij de amateurs van HSC dan bij profclub Groningen. Vrijwilligers moet je koesteren. Hun werd is vaak ondergewaardeerd, maar uiterst urgent. Dus tegenwoordig neemt Nijland een pak gevulde koeken mee naar HSC, drinkt koffie met de makkers van onderhoud en wisselt de laatste nieuwtjes, moppen en roddels uit aan de stamtafel. Het zorgt voor binding, zelfs voor levenslange vriendschappen, met de club als bindmiddel. Plezier, passie en clubliefde klonken in zijn betoog door als steekwoorden.

Suarez

Natuurlijk verhaalde Nijland ook over zijn avonturen als directeur voetbal van de FC. Hoe hij samen met meesterscout Henk Veldmate naar Uruguay toog om Elias Figueroa te bekijken, die voetbalde bij ‘het Ajax van Uruguay’, Nacional uit Montevideo. Hun oog viel echter op een brutaaltje met een enorme drive van nog geen achttien jaar. Een half jaar later speelde Luis Suarez voor FC Groningen. “Een joch met een enorme drive, die er alles voor wilde doen om te slagen. Net als bijvoorbeeld Arjen Robben. We hadden Luis net gecontracteerd toen hij al vroeg hoe ver Groningen van Barcelona lag. Dat was zijn uiteindelijke doel. Voor het zo ver was beloofde hij veel goals. Dat heeft-ie zeker waargemaakt. Via Ajax, we hebben hem met flinke winst verkocht, kwam hij toch bij zijn droomclub terecht. Af en toe hebben we nog contact.” Het gehoor krijgt een videoboodschap van Suarez richting Nijland te zien. Niet enkele afgeraffelde regeltje, maar een welgemeende groet recht uit het hart. “Dat doet me veel. Een geweldig mens, een buitengewoon sportman en voor ons ook nog uitstekende handelswaar, jaja, mijn ondernemersgeest komt altijd even om de hoek kijken. Gekocht voor iets meer dan anderhalf miljoen en verkocht voor zeven aan Ajax.”

‘Twee tientjes’

Een minder hoge pet had Nijland op van Robert Maaskant. Niet als mens, maar als trainer. Filip Kostic werd na lastige onderhandelingen “met boef 1 en boef 2”, zo omschrijft Nijland, vanuit Servië naar Groningen gelokt. Een topaankoop, maar Maaskant zag het niet in hem zitten. Kostic zat voornamelijk eelt op de bips te kweken in de dug-out. Opvolger Erwin van de Looi gaf Kostic wel speelruimte en hij verdiende zelfs een transfer naar Eintracht Frankfurt. Tegenwoordig speelt de Serviër in Italië bij Juventus. Nijland wil maar zeggen: een trainer moet een speler ook zien zitten en vertrouwen geven. Anekdote op anekdote schudt Nijland achteloos uit de mouw en tussen door verloot hij twee exemplaren van zijn boek via een soort van quizvraag. Jan Warmelink en Gerrit-Jan van Keulen gaan met een gesigneerd exemplaar aan de haal. Wie ook een boek wil, kan na afloop bij Nijland terecht, de schatrijke Groninger geeft zelfs korting. “Vooruit, twee tientjes en we praten nergens meer over. Ik zal ‘m signeren voor je.”

Na bijna twee uurtjes kwebbelen en een enkele vraag beantwoorden vindt Nijland het welletjes. Een even gezellige als boeiende avond werd in clubhuis Weerkomm’n afgesloten met een biertje, een hapje en een gezellige nababbel.www.fcommen.nl

Tekst: Willem Lampe

 

Meer foto's

Hans Nijland voormalig manager bij FC Groningen hamerde tijdens zijn betoog in het clubhuis van FC Ommen op het belang van vrijwilligers. Het zijn uiteindelijk de mensen met grote verdiensten voor de vereniging die het gezicht van een club bepalen. Henk Boeve is zo'n clubicoon.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Vul alstublieft uw commentaar in!
Vul hier uw naam in

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.