Lampie: Voetbalverslaafd

0263021_voetbaldroom_3.jpg
.

Het is elke zomer afzien voor voetbaljunks als Jan ter Burg, Gerrit van Elburg, Jan Warmelink en Johan Schoemaker, om er zomaar een kwartet uit te pikken. Kan er wel honderd uit de mouw schudden. Hoewel…, honderd is misschien ietwat overdreven, vijftig zeker. O jee, herstel…, hoe kon ik ‘horen, zien en zwijgen’ vergeten. Zal met mijn gevorderde leeftijd te maken hebben. Excuus. Met het trio Gerben Koppelman, Henk Boeve en Sander Schuldink had ik dit epistel moeten beginnen. Je hebt namelijk supporters en SUPPORTERS! Het leed is geleden. De zomerstop is voorbij. Voor menigeen het hoogtepunt van het jaar, voor voetbalverslaafden een deprimerende periode. Een overdaad aan lichturen en alsmaar oplopende temperaturen kunnen het gemis nauwelijks verzachten. Elk jaar hetzelfde liedje. Als de laatste wedstrijd is gespeeld, breekt de tijd aan dat niet Koning Voetbal maar moeder de vrouw de zaterdagse agenda gaat bepalen. Wandelen in het bos, want ‘nu hebben we eindelijk tijd voor elkaar’. Of op familiebezoek. Liever vissen is geen optie.

Af en toe wordt de periode van rouw en gemis onderbroken door een horecatoernooitje of wat dom getrap tussen houten schotten, een geklier dat pretentieus geduid wordt als ‘boarding-voetbal’. Het doet geen voetbalvlinders in buik fladderen, maar maakt het verlangen naar het echte werk alleen maar intenser. De hunkering naar de club, waar iedereen je kent en jij iedereen kent. Waar je zelf gezien je leeftijd zelf geen balletje meer trapt, maar troost zoekt bij medeverslaafden, clubfanaten of zelfs gelegenheidssupporters en nepaanhangers – in clubgebouw ‘Weerkomm’n’ is een flesje bier namelijk goedkoper dan in ‘t café. Wat moet je zaterdags anders dan bij de voetbal zeuren, mopperen en de tafel vol zetten met bier en bitterballen. Na maanden slenteren op braderieën en rommelmarkten ben je deze helletochten wel zat. Net als dat geestdodende dreutelen over de hei, dat domme dwalen door een maïsdoolhof of dat irritante gespetter in het zwemparadijs. Al dat gekakel op de camping, de dagelijks opspelende maag vanwege een overdaad aan zwartgeblakerde speklappen en gortdroog stokbrood met kruidenboter.

Het welhaast depressief geraakte lijf is toe aan onnavolgbare schaarbewegingen en acrobatische omhalen, maar ook aan blinde tackles en oliedom gemekker. Hoon en spot altijd dichterbij dan eer en roem. Teleurgesteld mopperen dat je voorlopig niet weer komt, maar desondanks de volgende zaterdag je vertrouwde stekkie langs de lijn opzoeken, met aangeschafte lootjes in de linkerhand. Als het er op aankomt is ‘de echte supporter godvergeten blij, want de zomerstop is bijna voorbij!’ De ware voetbalromantiek huist bij de amateurs. Jongens die wegblijven van epo en andere troep, zich hooguit vergrijpen aan wanprestatie verhogende middelen, zoals een overdaad aan bier of een kalmerend jointje. Kerels die ondanks hun tekortkomingen en motorische gebreken hun beste beentje voorzetten. Voor eigen welbehagen, maar ook voor de supporters en de club. Voor hen deze hymne: ‘Op hobbelige velden, spelen de lokale helden. Met het bier nog in de kop, stormen ze het veld op. Elke week staan ze er weer, strijdend voor de club en de eer!’

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Vul alstublieft uw commentaar in!
Vul hier uw naam in

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.