‘Een andere portefeuille had ik ook niet geaccepteerd’

0260961_VonMartels.JPG
.

Maurits von Martels uit Dalfsen als gedeputeerde verantwoordelijk voor landbouw en natuur

DALFSEN – “Gert Harm ten Bolscher heeft het prima gedaan, maar gezien de verkiezingsuitslag zou het raar zijn geweest als de agrarische portefeuille niet naar een BBB’er was gegaan.” Maurits von Martels uit Dalfsen zegt het zelf. Hij is sinds vorige week als gedeputeerde van Overijssel (en BBB’er) verantwoordelijk voor landbouw en natuur. “Een andere portefeuille had ik ook niet geaccepteerd.”

We spreken hem vorige week dinsdagmiddag, de dag voor de beëdiging. Gewoon lekker in de tuin bij zijn huis (en boerderij) in het buitengebied van Dalfsen/Hessum. “Het gaat gebeuren”, zegt hij… Om te beginnen: duidelijkheid over het stikstofbeleid. Onteigening ligt niet op tafel. En 2035 is de termijn waarop wordt ingezet als het gaat om het behalen van de stikstofdoelen. En dus niet 2030. “Want dat gaan we niet doen”, zegt hij resoluut. “Wat onteigening betreft, wat is de noodzaak? Voor stikstof hoeft het niet. De realiteit is dat 59 procent van de boeren ouder dan 55 jaar geen opvolger heeft. Door de val van het kabinet is dat jaartal ook geen issue meer. In december 2020, ik zat toen zelf nog in de Tweede Kamer, is besloten dat de doelstellingen in 2035 gerealiseerd moeten zijn. Na de verkiezingen besloot de coalitie dat het 2030 moest worden. Hoe haalden ze het in hun hoofd? Het is onbegrijpelijk. Maar 2035 is gewoon te doen. Dan praat je over een totaal andere situatie.”

Even zijn voorgeschiedenis. Von Martels was tot voor kort boer. Zijn koeien heeft hij inmiddels verkocht. Mogelijk dat zijn oudste zoon Justus met vriendin Jorine wat nieuws begint op de boerderij. Na jarenlang in de raad van Dalfsen als CDA’er werd hij in 2010 wethouder in de gemeente Dalfsen. Na de landelijke verkiezingen in 2017 kwam hij op basis van voorkeurstemmen in de Tweede Kamer terecht. Hij wilde zich als boer hard maken voor de agrarische sector, maar dat werd allemaal niet zo gewaardeerd binnen het CDA, zo laat hij doorschemeren. “Ik werd een beetje op de handrem gezet. Het was de tijd van de boerenprotesten. Ik was de enige boer in de Kamer, maar werd, aangezien ik een andere portefeuille had, niet geacht iets over het agrarische beleid te zeggen. Het CDA vergat de agrarische achterban. En ondertussen ging Tjeerd de Groot van D66 maar tekeer. Ik ben verschillende keren heel boos geweest.”
In de aanloop naar de Tweede Kamerverkiezingen van 2021, kwam hij niet op een verkiesbare plaats te staan (plek 39) en bedankte hij voor de eer. Eind 2021 maakte hij de overstap naar BBB; die partij verwelkomde hem met open armen. “Eigenlijk zet je dan een stap waarvan je vooraf niet had gedacht die ooit te zullen moeten nemen. Het CDA heeft de oren te veel laten hangen naar de stad. Maar uiteindelijk hebben ze de stad niet gewonnen en het platteland verloren. BBB is in dat gat gedoken. Toen het kabinet viel was mijn eerste reactie ‘Oh toch…’ Groningen, stikstof, de toeslagenaffaire. Het was niet de vraag óf, maar wanneer. Het is maar beter zo…”

Zekerheidje

Met zijn ervaring was hij voor BBB een potentieel kamerlid of gedeputeerde. Hij ervaarde dat zelf als een zekerheidje. Recentelijk verkocht hij zijn koeien. “Maar dat was op een moment dat de onderhandelingen al bijna rond waren. We hebben met BBB zeventien zetels in Provinciale Staten. Er was geen coalitie mogelijk zonder ons. En stel dat de boel daarna toch nog geklapt was, dan had ik naar de Tweede Kamer gekund.”
Hoe hij er een BBB-stempel op zal drukken? “Dat moet blijken”, meldt hij. “Maar ik spreek wel de taal van de boeren en doorzie de uitwerking van maatregelen. Neem kringlooplandbouw. Dat is dan het streven. Wil je dat goed doen, dan komt dat neer op extensivering (meer grond per dier, red.) Maar wat gebeurt er? Het beleid staat er haaks op. Boeren moeten bufferstroken inleveren en derogatie wordt hen afgenomen. Ik weet wat boeren kunnen op eigen erf. 20 tot 30 procent stikstofreductie is mogelijk. Het belangrijkste is dat boeren zich weer ondernemer kunnen voelen. Nu zijn ze meer parkbeheerders. Alles wordt voorgeschreven. Je moet zus, je moet zo. Kalenderlandbouw… Waar is het ondernemerschap gebleven?”

Aan de ketting

Hij vervolgt: “Het hele stikstofbeleid draait om de KDW. Alles is daar ondergeschikt aan gemaakt. Geen land in Europa dat op een dergelijke eenzijdige manier de staat van de natuur meet. En het is allemaal juridisch vastgelegd. Maar er is meer dan stikstof… Er zijn meerdere factoren die de staat van de natuur bepalen. Water is na de droge zomers van de afgelopen jaren ook een erg belangrijke. Daar maak ik nog me nog meer zorgen over. Maar nu ligt het hele land aan de ketting. Dat had echt niet gehoeven. Het is in Nederland een beetje onze tweede natuur geworden om alles zo moeilijk mogelijk te maken. Alles is gejuridiseerd en ingewikkeld. Het hoeft allemaal niet zo complex. Nu wordt er soms aan de knoppen gedraaid, zonder dat kan worden overzien wat daarvan de gevolgen zijn.”
Maar als gedeputeerde moet hij het zo wel allemaal gaan uitvoeren. Is hij niet bang om in een spagaat terecht te komen? “Nee. A, nemen we de tijd. En B, ken ik de ontwikkelingen: Ik wil me juist vooral gaan richten op de boeren die wel verder willen. Daar wil ik onze middelen voor inzetten, dat is mijn drijfveer.”

Flexibiliteit

De provincie gaf recentelijk aan dik 5 miljard euro nodig te hebben om alle gestelde doelen in het buitengebied, van toekomstgerichte landbouw en minder stikstof tot betere natuur en meer leefbaarheid en bedrijvigheid, te realiseren. Maar dat bedrag gaat de provincie vast niet krijgen, merken we op. “Waarschijnlijk niet nee”, zegt Von Martels. “Maar als Den Haag wil dat we alleen maar hun uitvoerder zijn, dan hebben we dat geld wel nodig. Als wij zelf ook enige flexibiliteit in inbreng krijgen, dan kan het met minder…”

In april was er een discussie op de NPO Radio 1 tussen Jan Willem Erisman (hoogleraar Milieu en Duurzaamheid van de Universiteit Leiden en voorstander van het stikstofbeleid) en criticus Arnout Jaspers (schrijver van het boek ‘De Stikstoffuik’). Hoe staat de natuur ervoor, vroeg presentator Tijs van den Brink aan de twee. Erisman antwoordde dat ongeveer 90 procent van de habitats volgens de richtlijnen in slechte toestand is. Even voor de duidelijkheid Natura 2000-gebieden bestaan uit één of meerdere habitats waaraan allemaal doelen zijn gekoppeld. Jaspers bekeek het anders. “Het is maar net hoe je telt. Als je kijkt naar de oppervlakte van de Natura 2000 gebieden is 80 tot 85 procent van de vierkante kilometers in goede staat.” Jaspers benadrukte daarbij zich op dezelfde cijfers te baseren die Erisman ook gebruikte in zijn boek over stikstof. De twee werden het overigens niet eens. De discussie staat online en is absoluut de moeite waard. Von Martels heeft ervan gehoord. “Ik neig ook wat meer naar de woorden van Jaspers. De Nederlandse KDW-normen zijn niet realistisch. Je kunt er niet aan voldoen. Als je heel Nederland stillegt, dus geen verkeer, geen industrie en geen agrarische sector meer, gewoon alles weg, dan nog haal je in een kwart van de Natura 2000-gebieden niet de norm. Dat geeft wel aan hoe absurd het allemaal is.”

We merken op dat het er alle schijn van heeft dat we tegenwoordig gereageerd worden door politici met vooral kennis van procedures, maar weinig tot geen ervaring met de praktijk. Von Martels: “Daar heb je gelijk in. Rutte heeft nooit tegenspraak in zijn partij geduld. Beleidsmedewerkers konden zo de Tweede Kamer in. Mensen uit de praktijk kwamen er niet door. Veel bestuurderspartijen hebben daar een handje van. Ze organiseren hun eigen tegenspraak niet goed. Daar hebben we als Nederland last van… Jonge honden die zo de kamer in gaan. Te weinig ondernemers, te weinig mensen die doorleefd hebben wat het vraagt om de maatschappij staande te houden.”

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Vul alstublieft uw commentaar in!
Vul hier uw naam in

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.