Lampie: Voetbalillusie

0237413_voetbaldroom_3.jpg
.

Een bewonderend ‘oooooo….’, ontsnapt van zijn getuite lippen. Een klein vingertje wijst naar een gele bulldozer. ‘Da, dááá, opa’. Heerlijk, zo’n klein mannetje voor op de fiets. Opeens zie je veel meer. Omdat het kereltje je alert houdt. ‘Miauwww’, een kat schiet de bosjes in. ‘Waf, waf’, aan de overkant slentert een man met hond. Een bulderende graafmachine nabij de Carrousel, de bieb en jongerencentrum Punt, brengt de dreumes in extase. Als jochie nooit geweten wat ik wilde worden, maar ik heb sterk de indruk dat het bij mijn kleinzoon anders ligt. Zijn heldere kinderogen volgen de graafbewegingen op de voet. Een van de werkmannen komt voorbij sloffen. In Javaans tempo. Het is tropisch warm. “Waar kan ik sollicitatieformulieren ophalen”, vraag ik de wegenbouwer. De man kijkt me aan met ogen vol ongeloof. Wellicht heeft-ie de indruk dat ik ‘m de gek aansteek. Ben je niet te oud voor een carrièreswitch, spreekt uit zijn meewarige blik. “Niet voor mezelf”, verduidelijk ik. “Voor mijn kleinzoon. Jullie zijn helden voor hem.” De lach breekt door. “Ach zo. Meld je maar bij de opzichter.”
Nog geen drie jaar, maar de opdonder weet wat-ie wil. Bijdehand ventje. Ik sluit niet uit dat-ie me over een jaartje al ‘tikkies’ stuurt. Voor ijsjes. De geiten en kippen op de kinderboerderij interesseren hem geen reet. Op naar de zandbak en gelijk de bulldozer confisqueren. Durf er gerust een flink geldbedrag op te zetten: die gaat de wegenbouw in. De wegenbouw was nooit mijn droom en ik moet even op mijn woorden terugkomen. Als jochie dat nog niet eens recht vooruit kon plassen, wist ik zeker wel wat ik wilde worden: profvoetballer. Helaas waren mijn kwaliteiten ontoereikend. Heb mogen acteren in het smurfenblauw van v.v. Ommen. Meer zat er niet in. Alle goede bedoelingen en harde trainingsarbeid ten spijt. Kwam niet verder dan aandoenlijk martelen in kou en regen. In afgelegen negorijen als Luttenberg, Mariënheem en Broekland. Op beroerde, hobbelige akkers stuitte ik op onvermoeibare postbestellers en loeisterke, motorisch gestoorde boerenkinkels.
Ik was slechts een van de elf. Stak niet boven het maaiveld uit en was opvulling in een matig getalenteerd smurfenbataljon. En nu, op uitgerangeerde leeftijd en behept met een nepheup weet ik dat mijn jongensdroom niet gaat uitkomen. De meeste dromen zijn bedrog, kweelde de in opspraak geraakte Marco Borsato en sloeg de spijker op z’n kop. Het enige dat mij rest, is me vergapen aan glamourboys die míjn dromen hebben waargemaakt. En daarbij ontvang ik steun, begrip en support. Gerrit van Elburg, ooit rechterhand van deurwaarder Jan Smit, sleept me mee naar Almelo. Naar Heracles, de club waar ik om onduidelijke, niet te verklaren redenen sympathie voor koester. Schoolmeester Carles Bemboom, voor eeuwig ‘kantinebaas der kantinebazen’ nodigde me uit voor een wedstrijdje van PEC Zwolle. Met raadslid Gerrit de Jonge besteeg ik de steile tribunes bij FC Twente en bankbobo Meine Seinen heeft het idee dat wanneer hij mij meezeult naar FC Emmen, zijn voetballiefde wint. Ik laat hem graag in de waan…

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Vul alstublieft uw commentaar in!
Vul hier uw naam in

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.