Home / / 70 jaar Molukkers in Ommen (1)

70 jaar Molukkers in Ommen (1)

OMMEN – Dit jaar maart was het precies 70 jaar geleden dat in Rotterdam de eerste groep Molukkers voet aan wal zette. De opvarenden hadden als militairen in het Koninklijk Nederlands-Indisch Leger (KNIL) gediend. Er volgden nog elf schepen met zo’n 12.500 Molukkers. Vanuit de haven van Rotterdam reed men in bussen naar het demobilisatiecentrum in Amersfoort. Daarna vond de verspreiding plaats door heel Nederland. Ook in Ommen werden gezinnen gehuisvest. Voor 1970 werden de Molukkers met ‘Ambonezen’ aangeduid. Dit is deel 1 over de geschiedenis van de toenmalige bewoners.

(door Harry Woertink)

Tussen 1951 en 1966 verbleven de ‘repatrianten’ uit het voormalige Nederlands-Indië die in Ommen aankwamen in de bestaande kampen in Eerde en Laarbrug. Beide locaties waren in de dertiger jaren in gebruik geweest als rijks werkkampen voor werklozen. Het overgrote deel van de Zuidoost Molukse bevolkingsgroep die zich hier vestigde, kwam van de eilanden Kei, Tanibar en Kisar (Dobo). Ze kwamen hier te wonen in houten barakken waar ze leefden onder zeer primitieve omstandigheden. Het onderhoud van de houten barakken liet te wensen over en de hygiënische omstandigheden waren slecht.

‘Tijdelijk verblijf’

De voornamelijk 12.500 KNIL-militairen met hun gezinnen kwamen in 1951 met de boot voor een ‘tijdelijk verblijf’ naar het koude Nederland. Bij aankomst wachtte geheel onverwacht een collectief ontslag voor deze aan Nederland trouwe soldaten. Een klap die generaties lang nog zou doordenderen. Met het ontslag verloren zij ook hun rechten als militair, soldij en pensioenen. De kampen Laarbrug en Eerde in Ommen en andere locaties in Nederland, moesten tijdelijk onderdak bieden. Zij leefden lange tijd geïsoleerd van de buitenwereld. Ze hadden geen inkomsten, mochten geen arbeid verrichten. Als vroegere bewoners van de eilanden in de gordel van de smaragd dachten de Zuid-Molukkers tijdelijk naar Nederland te kunnen. Maar het verliep allemaal anders: het bleek voorgoed te zijn. De palmboom in de Molukken werd een slagboom in Nederland. Na drie jaar voer de regering ook nog een verandering in voor de Molukkers: ineens moesten ze in hun eigen levensonderhoud voorzien.

School

Op de kampen Laarbrug en Eerde zijn veel kinderen geboren. Ze gingen naar school in Ommen (Koningin Julianaschool) en Vilsteren (Sint Willibrordusschool). Het aantal bewoners schommelde telkens tussen de 250 en 350 personen met het hoogtepunt op 1 juli 1963 toen 357 bewoners geteld werden. In 1953 was het aantal bewoners 231 (52 gezinnen met 210 gezinsleden en 21 alleenstaanden). Op Eerde waren dat er toen 120 (26 gezinnen met 117 gezinsleden en drie alleenstaanden). In 1958 lag het bewonersaantal op 297. Begin 1960 waren er op Laarbrug 317 bewoners en in 1962 kwam het bewonersaantal op totaal 350. De kleuters in het woonoord gingen eerst naar de Edith-school aan de Koesteeg. Later kon een kleuterschooltje in het kamp worden gebouwd: de jongste kinderen konden dan op het kamp naar school en hoefden niet meer met de bus naar school in Ommen.

Sociale cohesie

“De mensen in Ommen hebben een belangrijke bijdrage geleverd aan de sociale cohesie onderling”, aldus één van de oud bewoners van kamp Laarbrug. “De betrokkenheid van de Ommenaren stond centraal, zowel in gedrag als in beleving. Voor onze Molukse ouders was het vooral een tijd van overleven. Als kind was je je niet bewust van de moeilijkheden die zij in die tijd ondergingen. We gingen naar school, we speelden en hadden vrienden en vriendinnetjes. De school en de kinderen die erop zaten vonden wij geweldig. We keken tegen ze op, niet wetende dat dat andersom ook het geval was.”

Monument

Er volgde een verandering: in 1963 moesten de Zuidoost Molukse mensen verhuizen en vlogen uit naar andere plaatsen waaronder naar Zwolle en Rijssen. De herinneringen aan Laarbrug en Eerde zijn altijd gebleven. Het zijn ook plekken die door de oud-bewoners nog steeds worden gekoesterd. Als dankbaarheid voor de eigen ouders die alles in het werk stelden om te overleven, maar ook voor de goede contacten met Ommen werd op 29 september 2012 een herdenkingsmonument bij de ingang van camping Laarbrug onthult. Initiatiefnemers waren de kinderen van ouders van de Zuidoost Molukse bevolkingsgroep afkomstig van de eilanden Kei, Tanimbar en Kiasr (Dobo). Zij zijn op kamp Laarbrug geboren en/of opgegroeid. Het monument bestaat uit een oude meerpaal waar meer dan zestig jaar geleden de boten uit de Zuidoost Molukken afmeerden. Daarop een spiegel die de oceaan weergeeft en een nautische voorstelling in de vorm van een marmeren schelp. Het monument is destijds onthuld door de ambassadeur van Indonesië, mevrouw Retno Marsudi. Zij deed dat samen met de burgemeester van Ommen, Marc-Jan Ahne. Ook was er toen een groots opgezet programma met herdenken, herinneringen ophalen en vooral ook feestvieren met het thema: ‘Maluka Tengarra bertemu Ommen’ oftewel ‘Zuidoost Molukken ontmoet Ommen’.
In deel 2 meer over 70 jaar Molukkers in Ommen

Archieffoto 2012: Het herinneringsmonument op camping Laarbrug met Hermiena Janwarin-Sedoesboen

 

—————————————————————————————————————————————-

De Darde Klokke

In het nieuwste nummer (199) van het Ommer historisch tijdschrift De Darde Klokke is er deze keer speciale aandacht voor de Molukkers die 70 jaar geleden naar Nederland kwamen.
Als militairen dienden zij in het Koninklijk Nederlands-Indisch Leger (KNIL). De Molukkers die in de vijftiger en zestiger jaren in Ommen woonden, komen in De Darde Klokke uitgebreid aan het woord. Ze vertellen hun ervaringen over de woonoorden Laarbrug en Eerde, in welke erbarmelijke toestanden ze leefden, in onder meer de oude barakken waar het in de winter zo koud was. Maar ook de hartelijkheid van de Ommenaren klinkt door in hun verhalen. “We voelden ons warm ontvangen in Ommen. Burgemeester van Reeuwijk heeft veel voor ons gedaan en zei ook: jullie zijn ook mijn burgers”, zo weet een oud-kampbewoner zich nog te herinneren. Verteld wordt dat het eten op het kamp eerst uit een centrale gaarkeuken kwam, maar dat later de vrouwen hun eigen potje kookten. Elke dag kwam bakker Klomp uit Vilsteren met brood langs, visboer Post kwam wekelijks, evenals de groenteboer. De kinderen die van huis uit protestant waren, gingen naar de Julianaschool, de kinderen uit katholieke gezinnen naar de Sint Willibrordusschool in Vilsteren. De leraren van toen weten ze ook te noemen.
Abonnees van de kwartaaluitgave van De Darde Klokke krijgen het tijdschrift thuis toegestuurd. Losse nummers van De Darde Klokke zijn te koop bij Read Shop aan de Kruisstraat 3 in Ommen.

Lees ook

In het najaar weer koersbal en gymnastiek in de Wiekelaar

OUDLEUSEN – Als de coronamaatregelen het toelaten, start Saam Welzijn in de eerste week van …

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.