Home / / Lampie: Sneeuwschuiver

Lampie: Sneeuwschuiver

Het begon met een onschuldig sneeuwvlokje dwarrelend op de wind. Was het bij die ene dwaalvlok gebleven, dan was er niets aan de hand geweest, maar het ijskristalletje kwam als geniepige verkenner van een genadeloos invasieleger. Kort na de inval begon het openbare leven te sputteren, om even later piepend en krakend tot stilstand te komen. Het leed, dat winter heet. Stampen bij de voordeur op mijn thermolaarzen. De sneeuw moet er af. Hoe minder prut in huis, hoe minder gemopper, dus beng, beng, beng. De blik op oneindig. Of nee, de blik opzij en gelijk een felle pijnscheut door de onderrug. Nee, door mijn achterwerk, anderhalf decimeter hoger. Bij het zien van de sneeuwschuiver ging de alarmbel af. Ik was veel te fanatiek te werk gegaan. Werd wakker in een kerstkaart. Een maagdelijk wit tapijt bedekte auto’s en tuintjes in ons straatje. Mooi, die sneeuw, maar het was veel te veel van het goede.
Een merel zat te koukleumen in de hazelaar en kauwtjes ruzieden met eksters in de notenboom. Krap aan licht. Snel een broodje kaas naar binnen proppen, beker melk om het weg te spoelen en aan de slag. Het tuinpad begaanbaar maken. Lampie, de vleesgeworden sneeuwschuifmachine. Die schuiver stond in de schuur, weggestopt in een vergeten hoek, bedekt onder een dikke laag stof. Mazzelpik. Een tijd terug speelde ik met de gedachte dit nutteloze apparaat naar kringloop Noggus & Noggus te brengen. Dat ding stond daar maar wat weg te roesten. Dat is te zeggen, als ie van ijzer was, maar de steel is van hout en het schuifpaneel van hardplastic. Had er al jarenlang geen werk voor. Godzijdank was mijn uitstelgedrag deze keer mijn redding. “Het is zover, aan de bak”, waarschuwde ik het overbodige geachte stuk gereedschap.
Ik herinnerde me de boodschap van een volkstuinder, die ik vroeg of dat gespit niet fnuikend was voor zijn rug. “Niks gien piene”, sprak hij. “I’j mut de skuppe ’t wark loat’n doen.” Die volkstuinwijsheid had ik goed onthouden, maar klaarblijkelijk niet begrepen. Of de wens was vader van de gedachte. Ik zette de sneeuwschuiver op de grond, maar er gebeurde niks. Dus toch! Je moet wel zelf drukken. Was ook te mooi om waar te zijn. Nou ja, maakt niet uit. Het luie zweet kwam los. Tjonge jonge wat een enorm tuinpad heb ik toch. Ging lekker. Stoep ook meenemen? Waarom niet? Ben nu toch bezig. Voelde me heel wat mans. Een krachtpatser van voor in de zestig. Zo, gefikst. Ach kijk, het pad bij de buren. Die hebben meer streepjes op de levenslat dan ik. Hup, niet denken maar doen, schuiven, een goede buur is immers beter dan een verre vriend! Ik liet me niet afleiden door buurvrouw Bertha, die me aan de drank wilde hebben en me een fles wijn aanbood. Ben je helemaal betoeterd, graag gedaan. Zelfs aan de luxe chocolaatjes die buurvrouw Gerry kwam brengen heb ik me niet bezondigd. Mijn kleinzoon was me voor. De schavuit. Opa greep mis…

Lees ook

Gemeente Dalfsen peilt interesse voor glasvezelaansluiting

DALFSEN – Voor 650 huishoudens in Nieuwleusen komt er alsnog een kans op een glasvezelaansluiting …

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.