Home / / Lampie: Ophokplicht

Lampie: Ophokplicht

Zag ik mijn collega spoorhazen dagelijks meer dan mijn eigen vrouw, sinds begin maart zijn de rollen omgedraaid. Ergens rond die tijd stelde de regering een samenscholingsverbod in. Geen voetbal bij OVC ’21, geen Ribs & Blues, de Wielerronde van Ommen geschrapt; iedereen wordt meer dwingend dan vriendelijk verzocht zoveel mogelijk binnen te blijven. Tot die restrictie meende ik dat ophokplicht van doen had met pluimvee en de vogelgriep. Ja hallo, wist ik veel… Nu begint dat thuiswerken aardig te wennen. Je trekt jezelf in alle vroegte rustig in gang. Douchen komt straks, eerst een boterhammetje en een bak koffie. Stentor bij de hand en plots is het niet alleen ‘koppen snellen’. Alle ellende waarover het nieuwsblad bericht wordt intenser gelezen.

Inmiddels ben ik erachter dat treintjes plannen ook lukt met een gelubberde joggingbroek aan de kont en rafelige pantoffeltjes aan de knokige voeten. Maar het zijn lange dagen en het valt op dat mijn vrouw moet wennen aan mijn, in haar ogen wat overmatige aanwezigheid. Om dat gewenningsproces te versoepelen en haar de ruimte te geven trek ik er regelmatig op uit met mijn hengeltje. Geen straf. En ach, ook al krijg ik geen beet, ik kijk naar de reiger, die ook vruchteloos aan de oever van de Vecht staat te loeren. Af en toe snelt de dolksnavel richting water, maar meer dan een natte snoet levert het niet op. Aan het hemelzwerk cirkelen op kikkers loerende ooievaars en de meerkoeten zijn weer ouderwets aan het bakkeleien.

Het zijn de momenten dat ik me gelukkig prijs er oog voor te hebben. In mijn hoofd gonzen Piet Römer en Leen Jongewaard. ‘Voor mijn part word ik arm, heb ik het nooit meer warm, voor mijn part moet ik verder leven zonder blinde darm, maar er is een ding wat ik nooit zou willen missen, en dat is vissen. Voor mijn part mag ik nooit geen zout meer en geen vet, voor mijn part word ik eeuwig op een streng dieet gezet, maar er is een ding wat ik nooit zou willen missen, vissen. Je zoekt een fijne stek, je rolt je zware shag (dat niet hoor, Lampie rookt niet), al wat je hartje verlangt. De vogeltjes hoor je kwelen, de lammetjes zie je spelen, en het kan je geen donder schelen of je wat vangt.’

Die laatste zin gaat in mijn geval niet op, want vangen is voor mij de kers op de taart. En verder. ‘Ik geef niet om bezit, en niet om broodbeleg, ik geef aan de liefdadigheid mijn laatste joetje weg, maar er is een ding wat ik nooit zou kennen missen, vissen…’ Heerlijk. Een hengeltje gooien en verder nergens aan denken, mits je de visakte bij je gestoken hebt. Hoe rustgevend. Er is zelfs een boekje over geschreven, getiteld ‘Man, ga toch vissen, zegt de dokter’, uitgegeven in 1971 en de auteur luistert, of beter luisterde naar de naam Piet Hendriks, u snapt wel waarom, zaliger. Hèhè, heerlijk dat vrije vogelgevoel. Eventjes onder die verstikkende ophokplicht uit.

Lees ook

Open dag bij scouting in Nieuwleusen

NIEUWLEUSEN – Al jaren is Scouting ‘Gold’n Zende’ Nieuwleusen actief op hun eigen onderkomen in …

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.