Home / / Lampie: Angst

Lampie: Angst

Eind maart. De winter, die nooit een winter was, eerder een natte, sombere, traag voorslepende herfst is voorbij. Nog geen tel ijspret in het Laarbos. Alleen voor badderende en vrolijk kwakende eenden was het een paradijs. Komt door de klimaatsverandering blaten de mensen elkaar na. Krantenwijsheid. Lekenpraat. Nou ja, heeft ook voordelen, zo’n sloffe winter. Een lagere energierekening en geen uitglijers over opgevroren klinkertjes. Desondanks…, ellende genoeg.

Had je vandaag over een week voor het eerst gehoord over het coronavirus, dan denk je aan een beroerde 1 aprilgrap. Neem een ander in de maling. De laatste keer dat ik me de gek liet aansteken was iets voorbij de smulkraam van Ekkelenkamp. In alle vroegte op weg naar het station. Bij dat signaleringsbord. Beneden de vijftig kilometer verschijnt een smiley. Daarboven flikkert een beteuterd gezicht op. Mondhoeken neerwaarts. Heeft niets van doen met het weer, maar met de snelheid.

Was schrikken, een klein maandje terug. Ik behoor tot de fietsers met een bescheiden tred. Volgens medereiziger Gerrit de Jonge is het een wonder dat ik niet omval. Zo traag. Ik laat me niet opjagen. Samen op fietsen? Akkoord. Anders tot zo op het perron. Die trein gaat heus niet eerder weg. Maar goed, dat snelheidsbord. Ik kom aansukkelen, wat denk je? Rode cijfers. Dikke middelvinger voor dat bord. Ik was toch al niet in de stemming. Maandag. Motregen. Sodemieter op.

Of was het misschien een waarschuwing voor de auto die me achteropkwam? Normaal ben ik niet van de middelvinger hoor. Ben een verdraagzaam type. Alleen wanneer het regent iets minder. En op maandagmorgen, als de werkweek begint. Dan wordt het wereldleed me wel eens te veel. Roof, moord, overstromingen, stakingen, protesten, hou op. En nu dus geen voetbal. Vanwege corona. Zucht.

Op de radio houdt Giel Beelen de moed erin. Vanwege het virus geen files en politiecontroles. Hallo, deejay was het toch? Ophouden met die flauwekul. Plaatjes draaien. Nou ja, broodje kaas, glas melk en vluchtig de Stentor doorbladeren. Vervuiling van de oceanen, de ongebreidelde toestroom van asielzoekers, pfff… Slecht nieuwsshow. Nee, begrijp me niet verkeerd, als ik Syriër was nam ik ook de wijk. Wat een ellende daar. Alles kapotgeschoten. Niet gek toch dat je denkt: bekijk ‘t, ik ga naar het veilige westen. Maar goed, we zijn al met meer dan 17 miljoen, op een piepklein stukje drooggemalen land. Waar moet dat heen? Geen idee. Weet alleen waar ik zelf heen moet. Naar het spoor. De dagelijkse kost verdienen. Net als al die andere loonslaven.

O nee, vandaag niet. Thuiswerken. NS heeft corona-angst. Net als Lampie. ‘Angst en geld heb ik nog nooit gehad!’ Van mijn devies blijft de helft over. Voor alle duidelijkheid: geld heb ik nog steeds niet. Angst wel. Voor vrouw, kind en kleinkinderen. Voor familie en bekenden. Wat zeg ik: voor de mensheid. Pfff…, kop op Sombermans, slinger de computer aan, praat ik mezelf moed in. Wie beweerde ook alweer, ‘de mens heeft meer te lijden van zijn angst voor ziekte, dan van de ziekte zelf!’

Lees ook

Ieder boodschappenkarretje een eigen parkeerplaats

OMMEN – “Het lijkt een verlate 1 april grap”, schrijft Ella Roelfs, inwoonster van Ommen. …

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.