Home / / Ommenaar met een Iers accent in Melbourne

Ommenaar met een Iers accent in Melbourne

MELBOURNE – Ommenaar Jelmer Bangma woont met zijn vrouw Eske (ook uit Ommen) en dochter Mia in het Australische Melbourne. “Ik mag graag roppen op de crossmotor op afgelegen zandwegen en woestijnen. Dat is iets wat je je in Ommen niet kan voorstellen.”

“Als 21-jarige ben ik in 2007 als backpacker voor het eerst naar Australië vertrokken. Ik had vijf jaar in de grond-, weg- en waterbouw gewerkt en was toe aan iets anders. Ik was op zoek naar een uitdaging. Australië heeft me altijd getrokken. Op Discovery Channel zag ik de open zandwegen, de ongerepte natuur en de vrijheid; dat trok mij enorm. Eenmaal in Australië deed ik alles op de bonnefooi; ik had nog geen smartphone. Ik kwam aan in Perth en kocht daar een Mitsubishi Pajero uit 1988, voor $ 3600. Ik bouwde hem half om tot camper, kocht bij het postkantoor een wegenkaart en reed in twee maanden van Perth naar Sydney samen met een afgetrapte surfplank en een koelbox melk.

Ik dacht dat ik met 5000 euro een heel eind zou komen, maar met drie maanden was het op. Tegenwoordig kun je via de Facebook-pagina Dutchies in Australië liften vinden om de kosten te delen, maar toen bestond dat nog niet. Eigenlijk vond ik dat prima. Het was heerlijk om alleen te zijn. Reed ik alleen maar langs de kust. Ik stopte overal waar ik een bordje ‘beach’ zag en deed dan een poging tot surfen. In de avond dronk ik een biertje op een rots en sliep ik in de auto onder de sterrenhemel; de ramen bedekt met handdoeken en T-shirts. Ik lag met mijn hoofd tussen de twee voorste stoelen; zo paste het net. Ik had geen idee waar ik was of wat er te zien was.

Acht maanden klooide ik zo wat aan. Ik vond het moeilijk om een serieuze baan te vinden. Ik had allerlei baantjes, maar het was vooral een tijd van mensen ontmoeten en dingen doen. Dat was enorm goed voor mijn sociale ontwikkeling. Ik had ervaring met graafmachines maar durfde niet te solliciteren in Australië. Vanwege geldtekort moest ik uiteindelijk toch noodgedwongen op zoek naar werk. Ik kwam terecht bij een tunnelproject in Brisbane. Mijn broer Simon kwam vijf weken langs en ik ben zelfs samen met hem nog op sollicitatie geweest. In Brisbane werkte ik drie tot vier maanden. Het ging geweldig, ik was helemaal in mijn element.

Maar aangezien ik toen niet wist hoe ik mijn visum moest verlengen, ging ik in oktober 2008 noodgedwongen naar huis. Dat vond ik heel jammer maar ik bedacht me dat alles met een reden gebeurt. Eenmaal thuis was het een lange winter die maar niet leek te eindigen. Ik besloot het internationale erin te houden en solliciteerde op een baan in de offshore-industrie op de Noordzee. Na vijf jaar weer in Nederland kreeg ik de kans om terug te keren naar Australië. Ik was bevriend geraakt met een Ier die ook in dat tunnelproject werkte en had al die jaren contact met hem gehouden. Hij heeft een bedrijf in het “Contract Crushing and Screening” (www.glendun.com.au). Met machines zoals kranen, shovels, crushers en zeven wordt er steen gebroken in een steengroeve (Quarry). Ik kon daar werken en die kans greep ik in 2013.”

Heeft het tijd gekost om te wennen?

“Ik ging niet naar Australië met het idee nooit meer terug te komen. Ik leefde bij de dag. In het begin had ik weleens last van heimwee; helemáál met Koninginnedag of als er een festival was. Maar dat hoort erbij en je neemt het voor lief. Eigenlijk was ik alleen maar aan het werk. Ik heb letterlijk in alle uithoeken van Australië gewerkt.

Vijf jaar geleden kwam ik Eske Pillen tegen. Zij komt ook uit Ommen. Als tieners hadden we een paar jaar verkering gehad tot dat we elkaar na dertien jaar weer tegenkwamen. Zij woonde in Oman in het Midden-Oosten, ik in Melbourne. Ik verhuisde naar Oman, maar het was lastig daar een baan te krijgen. We besloten naar Australië te verhuizen, naar Brisbane. Na twee jaar kreeg ik een klus in West-Australië in mijn schoot geworpen. We verlieten ons fijne leven en reden in drie dagen door de outback naar Port Hedland, dik 5000 kilometer verderop. Eén minuut voor onze stop kwamen we in aanrijding met een kangoeroe. De voorkant van onze Ford Ranger – die we op de dag van vertrek hadden aangeschaft – was compleet aan gort. Ik kon wel janken.

We gingen wonen in een grote 4×4-caravan, met alles erop en eraan. Na zes maanden verhuisde de klus naar Karratha, twee uur richting het Westen en vervolgens na zes maanden naar Esperance in het zuiden van West Australië. Ons paard en onze hond verhuisden gewoon iedere keer mee. Eske kon vanaf huis werken dus dat kon allemaal mooi. Vorig jaar april zijn we in Melbourne beland. Mijn bedrijf heeft hier al een paar jaar een klus lopen, en het is nu aardig druk geworden. Ik heb nu een team van dertien jongens, voornamelijk Ieren. En we hebben ongeveer 26 machines; de grootste kraan is een 75 ton Volvo; prachtig mooi spul. Deze machines zijn in Ommen ondenkbaar.
We hoeven gelukkig ook niet meer zoveel te verplaatsen, dat komt goed uit want we hebben net een prachtige lieve dochter gekregen – onze eerste – Mia Christina Bangma.”

Hebben jullie last gehad van de bosbranden?

Australië is ook het land van de extremen. Nu zijn er de branden. Behalve rook hebben we er zelf nog niet heel veel last van gehad. Wij zitten net buiten Melbourne in Werribee. Het heeft de laatste tijd weer wat geregend; daar zijn ze hier heel blij mee. Het weer in Melbourne is nogal veranderlijk. De ene dag is het 48 graden en de volgende dag 18, ze zeggen dat je in Melbourne vier seizoenen op een dag kan hebben, nou dat is zeker waar. Het is mooi om te zien hoe de hele wereld in actie komt naar aanleiding van de branden. Er worden hier lokaal ook allerlei inzamelingacties gehouden. Mensen zijn hier sowieso vrij behulpzaam naar elkaar. Met de droogte in NSW brachten ze vanuit het hele land hooibalen. Je kon ook overal geld doneren voor de boeren die het zwaar hadden; dat kun je je in Nederland niet zo snel voorstellen op dit moment.”

Wat mis je van Nederland?

“We missen onze familie en vrienden. Eske heeft twee zussen en die hebben allemaal kinderen, en ik heb een broer die heeft er ook drie, dus dat is wel lastig. En nu we zelf ook een kindje hebben is dat helemaal lastig. We missen de hulp van pa en ma en de kopjes koffie bij elkaar om de deur. Ik mis de voetbal bij OZC ook, de saamhorigheid in de kantine en op zaterdagen langs de velden struinen. Ik werk gemiddeld 65 tot 70 uur in de week en heb haast geen tijd voor iets naast het werk. Maar ik ben daar nu aan gewend. In oktober heb ik wel de Melbourne Marathon gelopen, een afstand van 42 kilometer. Dat was een enorme opgave, maar geweldig mooi. Daarnaast mag ik graag roppen op de crossmotor – het liefst zo hard mogelijk – en dan op die afgelegen zandwegen en woestijnen. Dat is iets wat je je in Ommen ook niet kan voorstellen, als je daar het bos in gaat krijg je de boswachter achter je aan, geloof me … 😉 Het Nederlandse eten missen we beiden, de snackbar, en de haring, de lekkere producten in de supermarkt. Persoonlijk mis ik de vanillevla; dat kennen ze hier gewoon niet zoals ze die bij de Campina maken. Het eerste wat ik uit de koelkast trek bij mijn moeder is een pak vla.
Mijn familie is hier in april 2017 geweest. Dat was fantastisch pa en ma en mijn broer Simon met zijn gezin. Wij komen meestal elk jaar wel naar huis, alleen nu is de familie weer aan de beurt. Mijn moeder komt in februari voor 12 dagen gezellig langs, en in maart komen de ouders van Eske voor het eerst langs. Eske haar zussen komen in april; dat zijn mooie vooruitzichten.”

Wil je altijd in Australië blijven?

“De afgelopen zeven jaar is me vaak gevraagd of ik voor altijd in Australië wil blijven. Ik ben heel gelukkig in Australië. Ik geniet van het weer, het werk, de uitdagingen, het vrije leven en de mogelijkheden. Op een jonge leeftijd vond ik dit heel belangrijk. Nu ik wat ouder ben, veranderen mijn prioriteiten. Ik kan het me niet voorstellen dat onze dochter haar nichtjes en opa en oma nooit ziet. Wij zijn dan ook van plan om met drie of vier jaar weer naar Nederland terug te keren zodat we weer wat dichter bij de familie en vrienden zijn. Waar, hoe en wat is niet bekend. Er is nog niks concreets, maar het plan is er.”

Heeft Australië je veranderd?

”Enorm, het heeft me gevormd, hard en zacht gemaakt, noem het maar op. Als je je bekende en veilige kring verlaat, verander je. Je krijgt een andere kijk op de wereld; het is verreikend om andere culturen te leren kennen. Aangezien ik nu alleen maar met Ieren werk, heb ik een heel raar accent. Ik praat thuis Nederlands, op mijn werk Iers en af en toe rommel ik er nog wat Fries doorheen want daar ben ik geboren. In Australië snappen ze er niks meer van. Ze denken voornamelijk dat ik uit Ierland kom als ik in de winkel kom.
Ik had geen keuze om niet te gaan, ik zou niet met mezelf hebben kunnen leven als ik niet was gegaan, dat is niet voor iedereen hetzelfde, sommige mensen hebben een zetje nodig sommige mensen proberen het een tijdje en vinden het niks. Het is voor iedereen anders. Maar voor mij was het vrij helder, ook niet altijd makkelijk, maar zo is het leem. Je leeft maar 1 keer. “1 Life, Live it” zeg ik altijd.”

Lees ook

Expeditie Salland: een uniek inkijkje in het leven op het platteland

REGIO – De boeren van Salland Boert en Eet Bewust hebben een zomerprogramma samengesteld van …

One comment

  1. Prachtig Verhaal!
    Prachtige Kerel!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.