Home / / Lampie: Hondgenezen

Lampie: Hondgenezen

Het regent. Ach, een beetje water kan geen kwaad. Niet dat ik sta te juichen, maar het was lange tijd gort- en gortdroog. De koperen ploert deed zijn bijnaam alle eer aan.

De zomer in het Vechtdal was van Sahara-achtige allure! Bij toeren niet te harden. Het vet droop me alle lichaamsopeningen uit. Vanachter het raam deren regendruppels me niet. Ik wil vissen, maar een check op buienradar leert dat ik beter een uurtje kan wachten. Prima. Heb de tijd.

Dat geldt niet voor iedereen. Een man sjokt voorbij met een logge hond aan touw. Zo’n dog, met van die hanglippen, waar slierten kwijl aan hangen. Ach ja, ieder zijn smaak.

Als dit ras gekozen is op zijn uiterlijk, dan is vermoedelijk alleen de voorkant bekeken. Dat heb je met hondenboeken. Krijg je alleen het front te zien. Deden ze er een beeltenis van de achterkant bij, dan lopen er de helft minder rond. De staart van de harige lobbes is armoedig gestoffeerd, wijst pront ten hemel, met als nadeel een niets verhullende blik op zijn poeperd. Geen twijfel mogelijk. Het is een kwijlende reus. Geen reuzin. Wie weet blijft zijn klokkenspel intact, als hij niet tegen het bezoek aan gaat zitten rijen of wat al te onrustig wordt als de buurtteefjes in hun gewillige periode zitten.

Ja…, nee…, begrijp me goed, ik was gek met mijn hondje. Stapelgek. Maar die is jaren geleden gaan hemelen. Fijne herinneringen aan ochtends als deze. Zelfs als het regende. Wandelen en rennen langs het kanaal. Eenden en meerkoeten de stuipen op het lijf jagen en vervolgens samen ontbijten. Ik een omelet. Het hondje brokken. Geen blikvoer. Dan krijgen ze diaree en gaan meuren uit de bek. Vanwege dikke lagen tandsteen. Is er niet af te beitelen.

Harde brokken gingen wel op, maar nooit van harte. Ze begon er pas aan na de vaste prik. Een plakje worst. Maar een mens vergeet wel eens wat. Ik ben geen uitzondering. Dan lag ze met haar snuit plat op de vloer en staarde me met vochtige ogen verwijtend aan. Af en toe klonk een diepe zucht. Ach natuurlijk, de leverworst. Op weg naar de koelkast werd mijn gang kwispelstaartend en verwachtingsvol gadegeslagen. Glans in de ogen. Tong uit de bek. Pootje? Hap, slik, weg!

Maar ik idealiseer geenszins het bezit van een hond. Zie veel ellende. Harteloos gesjor aan riemen. Vreugdeloos slenteren. Tot elkaar veroordeeld. Apathisch toezien hoe meneer, ter afbakening van zijn territorium, om de haverklap urine spuit tegen fietsen en lantaarnpalen. De lege blik waarmee baasjes de grote boodschapbehoefte van hun trouwe makker gadeslaan.

Domme mormels die zich met bevende kont ontlasten, om niet veel later de bips schoon te schrobben op het hoogpolige tapijt. En dan laten we het ongegeneerde likken aan ‘je weet wel’ maar even buiten beschouwing. Eén troost, tegen de hond kun je kletsen zonder tegenspraak. Tenminste, zolang het weke hart van het inteeltgedrochten klopt. Geen garantie op de onderdelen! Na enige hondloze jaren ben ik vermoedelijk hondgenezen…

Lees ook

Gemeente Dalfsen peilt interesse voor glasvezelaansluiting

DALFSEN – Voor 650 huishoudens in Nieuwleusen komt er alsnog een kans op een glasvezelaansluiting …

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.