Home / archiefcentraal / van stinksloot naar prachtrivier

van stinksloot naar prachtrivier

Die lui zijn leden van Gedeputeerde Staten van Overijssel. Ze brengen een werkbezoek aan het Vechtdal, in het kader van het programma Ruimte voor de Vecht. Begin dit jaar stelden Provinciale Staten het uitvoeringsprogramma voor 2016-2018 vast. Een goed moment om terug te blikken op wat er in de periode vanaf 2009 allemaal is gedaan aan ‘De grootste van de kleine rivieren in Nederland’. Maar vooral ook om eens samen met de mensen in het Vechtdal vooruit te kijken. Een tocht langs een prachtrivier die nog niet zo heel lang geleden door sommigen oneerbiedig als “Stinksloot” werd bestempeld. Jarenlang leidde de Vecht een bestaan in de schaduw.

Kanalisatie, stenige oevers, stuwen en niet te vergeten de smerigheid van de aardappelmeelindustrie gaven de Overijsselse Vecht een slechte reputatie. Het beeld is intussen ingrijpend gewijzigd. Dit moet de dichter Marsman voor ogen hebben gehad: “De boerderijen, verspreid door het land, boomgroepen, dorpen, geknotte torens, kerken en olmen, in een grootsch verband.”

Worst en ooievaars
“Kijk daar, mijn eigen Vechtarmpje…” wijst Antje Kingma richting een glinsterende stroom die rond haar camping Boerhoes meandert. Waterveiligheid stond voorop toen het programma Ruimte voor de Vecht zeven jaar geleden van start ging. Er werden zeven nevengeulen en een groene geul gegraven, bergen rivierzand werden verzet en beddingen ‘ontgrond’ om het water de ruimte te geven. Bij Hardenberg kwam een nieuwe sluis en een Vechtpark met waterbergingscapaciteit. Bij Dalfsen kreeg het water ruim baan en ook bij Ommen mag het straks weer stromen.

“Ik noem dit project altijd als voorbeeld, voor wat je samen voor elkaar kunt krijgen. Waar je allemaal blij van wordt, ook in de portemonnee,” zegt de recreatieonderneemster die haar omgeving zag veranderen. Nu komen de gasten af op de fraaie natuur, het water, de vogels. Voor een nachtje “Bedde en bruggien” of voor de theetuin. Of voor de een trendy workshop: “Koken met Kerels”. De kerels ontleden in één dag een Vechtdal-scharrelvarken. Ze maken er worsten, hammen en koteletjes van en voelen zich eindelijk weer man.

Niets staat de toekomst van Boerhoes in de weg. Of het moeten de ooievaars zijn, die zich in dramatisch tempo vermenigvuldigen en zich tegoed doen aan de weidevogels. Zo is er altijd wel wat, in de natuur.

Rompslomp
Natuur werd als tweede programmalijn meegenomen in het Vechtdal. Het ‘grote graven’ werd aangegrepen om de natuur een flinke boost te geven. Er werd gesleuteld aan de waterdynamiek, vissoorten en plantenzaden kwamen terug en stenige oevers maakten plaats voor strandjes en steile oevers met nieuwe biotopen. De Ecologische Hoofdstructuur kwam op stoom; van de geplande 129 ha is inmiddels 36 ha ingericht. Veel boeren maakten er al een enorme omslag.
Boerenzoon Arjan Schiphorst zette eerst een makelaarsbedrijf op en nu dat goed loopt steekt hij meer tijd in z’n tweesterren-vleesvee en botanisch grasland.

Bij de uitkijktoren De Stokte legt hij uit: “Ik wilde heel graag meedoen, met het weer beleefbaar maken van de Vecht, voor mens en dier.” Boeren zijn hier niet alleen maar leveranciers van grond; ze houden zich bezig met een veel breder spectrum, gericht op natuurbeheer, op zorg(boerderijen), recreatie en de waterhuishouding. “Boeren en natuur, het gaat hier niet altijd hand in hand, maar wél harmonieus. We zijn van agrarisch landschap veranderd in rivierlandschap en dat hebben we toch samen gedaan,” benadrukt Schiphorst.
Overheidsregeltjes, formulieren en administratieve romplomp, daar hebben ze in het Vechtdal wel een beetje last van. “Soms wou je dat het allemaal wat sneller ging.”

Onder regie van de provincie Overijssel schuilt een mega-samenwerkingsverband van organisaties die stuk voor stuk hun belangen in het gebied moeten behartigen. Niet alleen de gemeenten Zwolle, Dalfsen, Ommen, Hardenberg, maar ook twee waterschappen; Vechtstromen en Drents Overijsselse Delta, Staatsbosbeheer, de LTO, VNO/NCW en tal van maatschappelijke organisaties zijn betrokken bij Ruimte voor de Vecht. “Dat maakt het soms gecompliceerd en daar moeten we allemaal héél goed naar kijken.” zegt commissaris Ank Bijleveld-Schouten in gesprek met de Vechtdallers.

Drijvend tupperware
In het uitvoeringsprogramma 2016-2018 ligt de nadruk op het benutten en beleven van de Vecht en het Vechtdal. Er komt een ‘Tientorenplan’ voor hoogtepunten langs de Vecht en aanvullende recreatieve infrastructuur. De Vecht moet ‘vermarkt’ worden, maar fysiek ook nog zichtbaarder. Op veel plaatsen wordt de rivier nu nog aan het oog onttrokken. In 2050 moet de Vecht uiteindelijk een “beleefbare, halfnatuurlijke laaglandrivier” zijn.

Over natuur en half-natuur verschillen de meningen nog wel. Bij de stuw van Junne, de plek waar volgend jaar begonnen wordt met de bouw van een unieke vlindersluis, lopen de standpunten uiteen. Recreatieondernemers willen een bevaarbare Vecht voor boten met een diepgang van 1.10 meter. “Het huidige vaarbesluit hanteert een vaardiepte van 50 cm., stroomopwaarts vanaf de brug Ommen. Daar kunnen we eigenlijk niks mee, “ zegt Klaas Jan Boessekool, voorzitter van de Ondernemersvereniging Ommen. “Voor de regionale economie is een impuls in de waterrecreatie hard nodig!”

De Vecht kent nu wel plekken van 1 tot 2 meter diep, maar in een natuurlijke laaglandrivier wordt niet gebaggerd en meer motorboten betekenen extra druk op de natuur. Leo Oudejans van Natuur en Milieu De Vechtstreek en vrijwilliger bij NMO: “Wij hebben niets tegen varen, als het binnen de randvoorwaarden kan. Maar we willen wel eerst inzichtelijk krijgen of de vastgestelde natuurdoelen worden gehaald.”

Verantwoordelijk gedeputeerde Bert Boerman wijst op een hydrologische studie die nog gaande is naar de bevaarbaarheid-kwestie. Hij kijkt liever naar wat er al gerealiseerd is en wat nog in de pijplijn zit voor de Vecht. “Ruimte voor de Vecht is een pracht project, veel mooier dan nu kan het hier bijna niet worden…”

Een echt verhitte discussie wordt het niet, daar bij Junne. Voor- of tegenstander; eigenlijk zit niemand hier te wachten op drijvend tupperware en witte stoomstrijkijzers. Er kán avontuurlijk gevaren worden en de toekomst brengt misschien wel nieuwe innovaties. Die de natuur en de schoonheid van de herboren rivier intact laten.

Vechtdalgevoel
In de betrekkelijk korte tijd dat het programma loopt heeft zich ook een metamorfose voltrokken in het “Vechtdalgevoel” De bewoners, voorheen gewone Sallanders, voelen zich de laatste jaren steeds meer verbonden met hun regio. Voelde in 2011 zich 45% “Vechtdaller”; vier jaar later gaat al 57% van de bevolking prat op het Vechtdalgevoel, zo wijst onderzoek uit. Wonen in deze omgeving krijgt gemiddeld een rapportcijfer 8.1. De Vechtdalanjer werd een symbool voor het gebied.

De plaatsen Hardenberg, Ommen en Hardenberg keerden zich weer met het gezicht naar de rivier. De aanleg van haventjes, de verplaatsing van dorpspleinen naar de oevers, nieuwe steigers, fiets- en wandelroutes, promenades en uitzichtpunten én de ontwikkeling van de horeca brachten leven in de brouwerij. Het aantal banen in de recreatiesector steeg tussen 2009 en 2014 met 8%.

Lees ook

Boek van de Week: Het Rosie resultaat

OMMEN – Het boek van de week van Bibliotheek Ommen is ‘Het Rosie resultaat’ van …

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.