Lampie: Biljartje leggen

Zóóó, 6 december, de discussie is geparkeerd. Over tot de orde van de dag. Na de verjaarsviering van Sint Nicolaas volgen de donkere dagen voor kerst. Het jaar bevriest. Het daglicht trekt zich terug. Schuw. In duisternis. ’s Ochtends voelt het aan als brood uit de vriezer. Mensen kruipen in hun schulp. ’s Avonds op tijd de gordijnen toe. Korte dagen. Weinig opwinding.

In mijn tuin zijn de planten verdord, de bomen kaal. Een enkel blad, ontsnapt aan mijn opruimwoede ligt er verschrompeld bij. De roodborst vermoedt dat er een torretje onder schuil gaat, hipt er op af, gooit het om, maar zijn inschatting wordt niet bevestigd. Deze week even naar de dierenwinkel van Klein, vogelpindakaas en vetbolletjes kopen. Twee donkere kraaloogjes kijken me brutaal aan, of ie wil zeggen, ‘waar blijft mijn voedsel’.

De mythe vertelt dat het diertje aan zijn rode borst komt doordat hij Jezus op weg naar het kruis wilde bevrijden van de doornen kroon en zich daarbij verwondde. Ik geloof er geen snars van, maar het fabeltje spreekt zeer tot de verbeelding. In het voorjaar hoor ik het vogeltje helder kwinkeleren. Of was het de deurbel van de hemel? In deze sombere periode echter ontbreekt het verenbolletje de neiging tot snoeven en dikdoen. Net aan vier uur en het wordt al schemerig, na een duistere dag vol miezerige regen.

Bliep, een bericht. Meine. We zouden nog een keertje biljarten. Of ik dat nog wist. Ja. Maar ik word een slome duikelaar. Of word…, word…, dat ben ik al. Geen lust om door de motregen naar de kroeg te fietsen. Komt geen goeds van. Maar het fleurt de dag op, dus, “oké, kom er zo aan”. Tien over rood. Ach, biljarten is een excuus. Om elkaar te treffen. Bijkletsen en een biertje doen. Een schaars lichtpuntje in de sombere aanloop naar de kerstdagen. Bovendien is het een aardig spel. Vroeger geregeld op tv. Fragmentjes. Bij Sport in Beeld, de voorloper van Studio Sport. Raymond Ceulemans. Ludo Dielis. Hans Vultink. Rini van Bracht. Wie kent ze nog, de tovenaars van het groene laken.

Weggezet tegen deze grootmeesters zijn wij prutsers. Meine een iets grotere dan ik. Het ietwat oubollige spelletje is achterhaald door het flitsende snooker. Ik vind er geen reet aan, maar dat zegt meer over mij, dan het spel. Jawel, ik heb biljart officieel beoefend. In teamverband, onder de vlag van de bond en café de Herberg. Eind vorige eeuw.

Het stootspel op het verwarmde laken heeft mijn wereldbeeld vergroot. Ik kwam op locaties waarvan ik het bestaan nooit heb bevroed. Ane, De Pollen, De Krim, ik zou daar van mijn levensdagen nooit verzeild zijn geraakt, als ik niet een jaartje aan biljart had gedaan. Ik werd steeds beter, maar beken dat ik me in Westerhaar een keer gruwelijk uit mijn spel heb laten halen. Zorgvuldig en gevoelig de ene na de andere carambole wegtikkend vroeg de struise gastvrouw meewarig, “stoot ie altied zo zachies?” Ik was even van slag en moest na enkele fatale missers de eer aan mijn tegenspeler laten…

|Doorsturen

Uw reactie


Onze krant


Volg ons op Facebook


Volg ons op Twitter




Vechtdal Centraal wordt gehost door:
EG COMPUTER SPECIALISTEN

Agenda

Weer