‘Hogepriester van het gefrituurde zeebanket’ Karel Post kapt er mee

Het wordt wennen. Op de stek waar jaren en jaren de viskraam van Post stond, gaapt straks een leemte. Niet voor even, maar voorgoed. “Ik heb het altijd met plezier gedaan”, beweert visboer Karel Post. “Maar het is goed zo. Meer dan dertig jaar lang. Ik heb drie generaties aan de kraam gehad en wekelijks zag ik dezelfde gezichten terugkomen. Toch een goed teken.” Nog een vrijdag en een zaterdag, de achtste en negende december, dan gaat de stekker er definitief uit.

Tekst: Willem Lampe

Karel en zijn vrouw Irma maken er geen circus van. Net als in de jaren daarvoor neemt de visverkoper op donderdagavond een portie kakelverse vis mee van het werk op Urk. Twee dagen daarna wordt het zeebanket op bestelling in het vet getuimeld. Om ze na een tijdje, voorzien van een krokante goudbruine korst, en besprenkelt met geurige kruiden, gretig te zien verdwijnen in hongerige monden. Daarna is het opruimen, schoonmaken en op naar huis, waar met de kinderen en kleinkinderen in de avonduren het sinterklaasfeest wordt gevierd.

Maar euh…, meer dan dertig jaar Karel? Goeie genade! We stappen in de tijdmachine en gaan diep terug in de vorige eeuw. Jan Post, een rasechte Urker vindt zijn liefde in het buurtschap Arriën en verdiende de kost als eerste hulp van vishandelaar Hendrik Nentjes. Uiteindelijk nam Post senior de nering over en een van de acht nazaten werd zijn rechterhand. U raadt het al, Karel.

“Dat was in 1985. De crisisjaren. Er heerste werkeloosheid. Ik kwam net uit militaire dienst en begon als bediende in de winkel. Mijn vader werd al minder en is begin ’89 overleden. Een rampjaar, want een paar maanden later vloog de winkel in de fik. Ik weigerde bij de pakken neer te zitten en kocht een mobiele kraam, waarmee ik in eerste instantie op het Vrijthof stond. Later kreeg ik permissie om op de Markt te staan. Dat was qua locatie gunstiger. Ondertussen trouwde ik met deze dame.” Even kijkt hij zijn Irma aan, met dezelfde lach waarmee hij zijn porties kibbeling aan de man brengt. Het jonge stel ging wonen in Staphorst. Min of meer toevallig, omdat daar een woning beschikbaar was. De grond was vruchtbaar, want drie dochters zagen het levenslicht, gevolgd door twee potige knapen. In huize Post is aan het meubilair te zien dat ook het directe kroost voor nageslacht heeft gezorgd, getuige een kloeke kinderstoel.

Karel en Irma Post zijn een trotse en dankbare opa en oma. De twee willen van die status genieten. Al die jaren was het zwoegen. Werken, werken en nog eens werken. Elke dag er met de kraam op uit en vis aan de man brengen. Vijf dagen per week. “Ja, best een zware tijd”, bevestigt Karel. “Maar ja, je moet door. Ik had ook nog een tijdje personeel en twee kramen. Een in Ommen en een in Staphorst. Jááá, nééé, ik stond het liefst in Ommen. Waarom? Misschien omdat ik daar ben opgegroeid. Je kent het volk, of ja…, zeg het maar.”

In het laatste jaar van de vorige eeuw kon Karel aan de slag bij de FishPartner op Urk, een visrokerij. “Dat gaf meer rust thuis. “Je bent verzekerd en hebt een basisloon.” Maar Karel wenste de romantiek van het eigen baas zijn, de contacten aan de kraam, het vis bakken naar eigen recept, niet op te geven. “Hij zei elke keer, nog een paar jaar, dan stop ik”, vertelt Irma, die af en toe haar man bijstond, maar dat was meer uit liefde voor de persoon, dan voor de lekkerbekken en zure haringen.

“Wat de doorslag gaf?” Karel wrijft even over zijn kin. “Ik was een keer op pad met mijn zoon, op een vrije dag. Ik genoot plots van de vrijheid. Als ik de kraam niet heb, zou ik dat vaker kunnen doen, heb ik de handen vrij, bedacht ik me ineens. Dus heb ik de knoop doorgehakt. Bovendien wordt de kraam ouder en dan moet je beslissen, investeren of kappen. Het werd het laatste.” “Het moment was onverwacht”, vult Irma aan. “Maar ik ben blij dat ie de beslissing genomen heeft.”

Ondertussen is een koper gevonden voor de kraam en heeft Karel zijn urencontract in Urk lichtelijk naar boven laten bijstellen. Nog eenmaal de bakoven op standje heet en de lekkerbekken de olie in. Dan Sinterklaas vieren. Een mooie afsluiter en vanwege de drukte en commotie met de kinderen en kleinkinderen geen tijd om te piekeren. En ja, ‘de grootmeester van de zilte heerlijkheid’ gaan we op zeker terugzien in Ommen. Zijn geboortestad blijft trekken. “Na een wandelingetje een visje happen bij collega Teunis Baarssen. Even kletsen. Ik kan goed met hem door een deur en dankbaar dat ik zelf de beslissing kan nemen om te stoppen en niet noodgedwongen vanwege de gezondheid of weet ik wat. Ik wil de klandizie bedanken. Velen zijn me al die jaren trouw gebleven. Het is goed zo.”

|Doorsturen

Uw reactie


Onze krant


Volg ons op Facebook


Volg ons op Twitter




Vechtdal Centraal wordt gehost door:
EG COMPUTER SPECIALISTEN

Agenda

Weer