Kijk op het Vechtdal: Theo van Gogh

Het werd venster nummer 49 in de canon van Amsterdam. De moord op Theo van Gogh. Begenadigd cineast en scherp columnist. En het zette niet alleen de stad maar ook het land op zijn kop. Op 2 november 2004 werd hij op de Linnaeusstraat in Amsterdam vermoord. Gruwelijk vermoord. Kon de moord op Pim Fortuyn nog worden weggezet als een politieke moord, bij Theo van Gogh ging het zonder enige twijfel om een terroristische daad verricht door een geradicaliseerde moslim.

De religieuze motieven van Mohammed Bouyeri waren overduidelijk. Op de laatste dag van het proces verklaarde Bouyeri: “Ik kan hem (Van Gogh) niet verdenken van enige hypocrisie, want hij was niet hypocriet. Dat was hij niet en ik weet dat hij uit overtuiging dingen zei….Dus het hele verhaal van dat ik mij beledigd zou voelen als Marokkaan of omdat hij mij geitenneuker zou hebben genoemd, dat is allemaal niet waar. Ik heb gehandeld uit geloof. En ik heb zelfs aangegeven dat als het mijn vader was geweest of broertje had ik precies hetzelfde gedaan”.

Ik zat in de Eerste Kamer toen ik het hoorde. Letterlijk. Die op het Binnenhof. We keken naar het nieuws. Tientallen mensen rondom een toestel. Vol afschuw, maar ook in verwarring. Wat de betekenis zou zijn van deze gebeurtenis, daarvan hadden we hooguit vermoedens. Waarbij ik niet de agressieve acties tegen moskeeën bedoel die de dagen erop volgden. Denk aan Uden, Venray en Helden. Een basisschool die in brand werd gezet. En natuurlijk weer de stille tochten als reactie op die brandstichtingen. Dat was, hoe cynisch het ook klinkt, allemaal wel voorspelbaar. Dat konden we vermoeden.

Maar wat we niet wisten was wat het zou betekenen voor de verdere verdieping van de tegenstellingen in onze samenleving. De haat en de angst die zou worden gevoed. Mensen die op hun woorden zouden gaan letten. Dat wisten we echt niet.

En terwijl ik daar televisie zat te kijken was Job Cohen burgemeester van Amsterdam. Hij organiseerde een “luidruchtige” tocht en hield vast aan zijn verhaal van verdraagzaamheid. Hij kon niet anders. Niet om wie hij was en niet om het Amsterdam dat hij lief heeft. Dinsdag 13 februari komt hij naar de Stoomfabriek. Hij gaat daar met Renate Wennemars in gesprek. Over de moord op Theo van Gogh. En waarom hij de boel bij elkaar wilde houden.

Han Noten
Burgemeester
h.noten@dalfsen.nl

|Doorsturen

Uw reactie


Onze krant


Volg ons op Facebook


Volg ons op Twitter




Vechtdal Centraal wordt gehost door:
EG COMPUTER SPECIALISTEN

Agenda

Weer